Wat is er mis met het altijd beter te willen doen? Op zich niets, het hangt ervan af hoe je dat zelf ervaart. Je job goed willen doen en alles afwerken tot in de puntjes, dat mag. Als dat perfectionisme een keuze is van jezelf. Wanneer je voortdurend het gevoelen hebt: ‘het is niet goed genoeg’, dan wordt het een ander verhaal. In het eerste geval maak je een keuze die je energie geeft en die je voortstuwt. In het tweede geval ‘moet’ je constant beter presteren en streef je naar een ‘ideaal’ en die innerlijke drang vreet energie, want zoals iedereen die leeft wel ervaart: het leven gaat niet over rozen, een ‘ideaal’ leven bestaat niet. De doornen horen hu eenmaal bij de rozen.

Het vrije kind versus het ‘brave’ kind

Als kind laten we onze fantasie de vrije loop en kunnen we volledig opgaan in een spel, met alle zintuigen open en zo helemaal in het moment zijn. Zalig! Dat is het creatieve deel in ons. Tijdens het groeiproces leren we ons aan te passen naar de sociaal geldende normen. We leren regels te respecteren en ons verstand gebruiken, dat mag je ook letterlijk nemen. Dat hoort zo, uiteraard. Vaak op jonge leeftijd ervaren we echter dat we niet aanvaard worden zoals we zijn. Dan ontstaat het ‘brave’ kind, als tegenhanger van het vrije kind. Een natuurlijk proces waardoor we zowel de rechter- als linkerhelft van onze hersenen activeren. Wanneer het ‘brave’ kind echter de overhand krijgt en het vrije kind verdrukt wordt, ontstaat perfectionisme. Zo geraken we uit balans.

Oorzaak en gevolg

Wanneer iemand een gemis aan zorg, aandacht en/of liefde heeft ervaren in zijn kindertijd uit zich dat vaak in compensatiegedrag. We willen compenseren wat we vroeger gemist hebben. Daardoor zoeken we constant naar externe bevestiging. Zolang we bezig blijven, valt het mee, maar wat als we stilvallen? Dan worden we geconfronteerd met wat niet perfect is. Vaak vluchten mensen dan in hun werk, in drugs, drank of zelfbeschadigend gedrag. Dat gedrag zien we ook steeds meer bij jongeren. Wetenschappelijk onderzoek toont bovendien aan dat dit streven naar perfectie veel stress geeft en een aanzienlijke rol speelt in veelvoorkomende psychische aandoeningen zoals angst(en), burn-out, depressie en eetstoornissen.

Kenmerken

Volgende kenmerken kunnen wijzen op perfectionisme: een laag zelfbeeld (‘ik ben niet goed genoeg’), meerdere angsten (o.a. faalangst), de wil om zaken onder controle te houden (’want dat geeft toch even rust’), uitstelgedrag (’het zal toch niet goed genoeg zijn’), een constante stroom van denken en piekeren, de lat heel hoog leggen, moeilijk kunnen kiezen (want ‘kiezen is verliezen’), schuldgevoelens, een enorm verantwoordelijkheidsgevoel voor anderen (zorgen voor …), de eigen grenzen niet respecteren (geen ‘nee’ kunnen zeggen). Op zich zijn deze eigenschappen oké, zolang je ervoor ‘kiest’ om zo te reageren en niet omdat je ‘moet’. De ‘moeters’ hebben een rode loper naar burn-out voor zich liggen. Perfect willen zijn is uitputtend en je kan nu eenmaal niet winnen van je eigen schaduw.

Jong geleerd?

Onze maatschappij is meer en meer gericht op prestatie: altijd maar meer en beter … Kinderen moeten al vlug veel kunnen, van bij de start in de kleuterschool. Wie niet aan de eisen voldoet, krijgt al snel een label opgeplakt. Ouders zien ook vaak alleen de minder goede resultaten op het rapport van hun kinderen en zo worden kinderen aangespoord om nog beter hun best te doen. Nog meer druk … Laat kinderen spelen en creatief bezig zijn, zodat hun vrije kind en hun ‘brave’ kind in evenwicht blijven.

Voor wie meer wil lezen over dit thema, Marcel Hendrickx schreef hierrond een interessant boek: ‘Zeg me dat ik oké ben’. Je maakt bovendien kennis met de methode waarop OCP-coaches werken (Ontwikkelingsgericht Coachen van mensen met Perfectionisme), zodat je leven weer ‘haalbaar’ en ‘leefbaar’ wordt.